The Last Broadcast


Generatie A
oktober 21, 2009, 10:01 pm
Ingedeeld onder: Uncategorized

San F. Yezerskiy is een beetje een smeerlapke, maar een waar je niet lang kwaad op kan zijn. Hij worstelt met dingen waar ik ook mee worstel of geworsteld heb. Hij is gezegend met een goede pen en vooral met meer zin voor structuur en compositie dan ik. Hij vergezelde me enkele weken geleden voor een meer dan leuke avond op café. We praatten er over ideeën en dingen die waarvan we stiekem vinden dat we ze beter kunnen dan anderen. Ik vertelde over een verhaal waar ik al lang mee worstel, een blogidee dat bijna klaar is (watch this space!) en de rusteloosheid die heel wat eind-zeventigers en begin-tachtigers kenmerkt. De rusteloosheid en onzekerheid die in 2001 plots begon te overheersen bij jonge pas afgestudeerden.

Hij voelde zich wat aangesproken, schreef er een mooie tekst over en schreef en misschien wel nog mooiere metatekst waarin hij mij een beetje als inspiratiebron noemt. Hij is gul met fijne woorden, maar schrijft vooral zelf fijne columns en weet het evenwicht te bewaren tussen anekdotes, slimmigheden en zogenaamde universele waarheden.

En het is leuk dat je mee aan de basis ligt van iets moois  dat mensen blijkt te raken, maar het ego had het toch ook wel graag zelf geschreven. Maar ik schrijf dan weer andere dingen. Hier, elders en ergens dat er nog niet helemaal is en ik ga dat vooral meer doen, omdat ik dan geen anderen nodig heb om me schrijver te noemen.

Het is dat ik al grote broer ben van anderen ben, of ik zou hem helemaal gelijk  geven.

We’re gonna build something this winter.



Dré
oktober 9, 2009, 8:56 am
Ingedeeld onder: Uncategorized

Dré Steemans is dood, overleden aan een hartinfarct. De kranten hebben het over Felicé die overleden is, maar die was al langer dood, toch zeker als het aan Dré lag.
Felice heb ik nooit goed gekend. Dré een beetje, maar genoeg om niet goed te zijn van dit bericht en me af te vragen of hij wel wist hoe dankbaar ik hem voor sommige dingen ben.

Hij liet me meer dan 15 jaar geleden binnen in zijn (toen nog) bescheiden flat in Hasselt voor een interview voor mijn schoolkrantje. Hij was te spreken over het interview en vond dat ik moest blijven schrijven. Mezelf verbeteren en journalist worden of redacteur of mediafiguur, maar alleszins iets met schrijven.

Dré heeft me veel over ‘het wereldje’ geleerd, me in contact gebracht met mensen uit dat wereldje, waardoor ik meer en meer zag hoeveel mens er achter de gemiddelde mediafiguur zat. Hij leerde me ook echte comedy kennen (Monty Python, Fawlty Towers, Blackadder, Young Ones), dingen waar je in het pre-internettijdperk niet zo makkelijk mee in contact kwam.
Hij gaf me boeken van Tom Lanoye en Herman Brusselmans mee, waardoor de leraren Nederlands van het Katholieke college waar ik les volgde, soms wat ongemakkelijk schuifelend naar mijn boekbesprekingen keken.

Hij zag allerlei talenten in me, waar ik zelf niet altijd zo van overtuigd was, maar als ik nu schrijf op blogs, sites en soms ook elders, is dat voor een groot deel aan Dré’s enthousiasme en steun te danken.
Toen ik hem daar jaren geleden (ouder, afgestudeerder en wijzer) eens voor bedankte, zei hij dat het niet nodig was. Dat hij gewoon hoopte dat ik aan hem zou denken bij elke stap die ik richting journalistiek zou zetten en dat ik misschien ooit ook mijn verhaal over hem op papier zou zetten.

Dat is er nog niet van gekomen en dat voelt nu wel erg knudde aan. Zeker omdat Dré almaar meer wegdook achter zijn typetje Felicé en publiek en media niet veel verder meer kijken dan het kolderieke figuur dat hij in Het Swingpaleis neerzette. De laatste keer dat ik hem zag (toch ook weer bijna drie jaar geleden), leek hij daar vrede mee te hebben. Felicé was zijn werk en zorgde voor het geld en de vrijheid om Dré’s dromen te kunnen realiseren: films kijken, lekker eten en koken, met kunst en cultuur bezig zijn en in de Provence of zijn ommuurde tuin van dat alles en van  goede gesprekken genieten.

Dré is er niet meer en ik kan hem niet meer persoonlijk bedanken, dus dan blogt een moderne mens er maar even over. Maar in veel van wat ik doe en veel waarvan ik droom, echoën uitspraken, adviezen en schouderklopjes van hem door.
Jongeren stimuleren in hun ambities en dromen, vond Dré erg belangrijk en dat deed hij dan ook. Waarschijnlijk niet alleen met mij, maar ook met velen anderen, Maar dan buiten de spotlights en dat siert hem.

Bedankt Dré, het ga je goed in de eeuwige Provence.



Waterloo sunset
april 19, 2009, 10:09 pm
Ingedeeld onder: Uncategorized

San F. Yezerskiy leidde zonet het prachtige Waterloo Sunset van de mij veel te weinig bekende Kinks in op Het Laatste Uur. Hij moest van dat nummer denken aan hoe Waterloo Station lange tijd de poort tot Europa’s mooiste stad was. Laat ik nu ook een nauwelijks beheersbare liefde voor Londen hebben, en de voorbije jaren ook meermaals per Eurostar onder het Kanaal door die richting uitgetreind hebben.

En ja, die verhuis naar St.-Pancras is enkel een vooruitgang omdat de reis daardoor een stuk minder lang duurt. Het station zelf is prachtig, maar misschien net iets te opvallend ook gericht op zakenreizigers (de langste champagnebar van Europa!) en net iets te cleane moderne architectuur binnen. De charme van Waterloo was dat je direct tussen de Londense forenzen terecht kwam ook maar een paar passen van de South Bank en een geweldig uitzicht op de stad verwijderd was. En je reed de stad boven de grond binnen. Eerst door de rijkere voorsteden, waarna de huizen telkens kleiner werden om uiteindelijk door de grauwe woonblokken van Brixton door te rijden. En een glimp van het machtig Battersea powerstation opvangen als je snel was. Zo zag je tenminste echt hoe zo’n wereldstad er ook buiten de toeristische wegen uitziet. Tegenwoordig rijd je een heel eind door een tunnel, zodat de eerste glimp van Londen ook ineens het station is.

Maar het zal waarschijnlijk vooral ook een pak misplaatste nostalgie zijn, waardoor in St-Pancras aankomen heel wat minder leuk en groots lijkt dan in Waterloo. Ik zou er alleszins niet zoveel mee inzetten dat de Eurostar bij een volgende trip naar Londen weer naar Waterloo rijdt, ook al duurt dat wat langer.



S01E01
april 14, 2009, 12:45 pm
Ingedeeld onder: Uncategorized

Laten we die blog hier ook maar al gebruiken als een half persoonlijk archief van boeken, strips, muziek, series en films die me bezig houden, liefst met wat commentaar erbij.

 

Ik luister naar:

Doves – Kingdom Of Rust: prachtplaat, mogelijke plaat van het jaar. Al jaren een favoriete band die maar niet doorbreekt, maar het zou de Elbow van 2009 moeten zijn, maar dan iets dansbaarder.

U2 – No Line On The Horizon: hun beste sinds (en misschien ook na) Achtung Baby. Muziek als warm deken om in te verdwalen, als je je tenminste over Bono’s maniërismen en soms daze teksten kan zetten

Yevgueni – We zijn hier nu toch: Vlaamse indiepop/postrock, met een paar van de sterkste Nederlandstalige songs sinds Gigant. Lees erover op goddeau en leen hen uw oor

Zu – Carboniferous: verslavende waanzin

Mastodon – Crack The Skye: hun meest toegankelijke album, meer classic rock dan hardcore, maar net daardoor ook veel verslavender dan Blood Mountain en Leviathan. Te aandachtig beluisteren met een metalfreak kan wel voor een lachbui zorgen: ‘Tool! En hop Iron Maiden! Ola, beetje Judas Priest zelfs’

Peter Fox – Stadtaffe: Duitse hiphop/dancehall; vrij commercieel van muziek, maar straf qua teksten en clips. Binnenkort meer hierover

Blur: nog minder dan drie maanden…

Ik kijk naar:

The Wire: of beter gezegd: ik keek naar The Wire. Magistrale laatste aflevering net achter de kiezen . Na McNulty’s ‘Let’s go home’ enigszins overmand door melancholie besloten snel een even goeie serie te ontdekken of gewoon opnieuw beginnen bij seizoen. Hopelijk is het niet de beste TV-serie ooit.

Mad Men: bij momenten erg subtiele satire/zedenschets over machismo in een Amerikaans reclamebureau van de jaren ‘60, waarmee en passant de American dream liefdevol in zijn hemd gezet wordt.

Flight of the Conchords: twee afleveringen ver vooral een aanrader omwille van de songs. Qua verhaal het soort cringe-comedy dat Ricky Gervais net iets beter doet.

That Mitchell and Webb Look: sketches van het duo achter het even hard aan te raden Peep Show. Bij wijlen hilarisch, nooit minder dan heel erg grappig.

James Bond, Licence to Kill: niet al te geslaagde eerste etappe in het uitbreiden van mijn Bond-kennis. Benieuwd of The Living Daylights wel goed is, maar die Dalton is het precies toch niet helemaal

 

Ik lees/las:

Ian McEwan – Saturday: Leest als een meesterwerk, maar wellicht is dat duidelijker als de lezer zelf rond de 45 is en volop terugkijkt op zijn leven. McEwan blijft een meester in plotopbouw en het schetsen van personages waar je als lezer door meegesleept raakt zonder ze ook sympathiek te vinden.

Aravind Adiga – The White Tiger: in de eerste bladzijden alvast een geinige schelmenroman. Benieuwd waarom dit een Booker Prize waard was.

Garth Ennis/Steve Dillon – Preacher: uit jeugdsentiment deze op alle vlakken totaal over the top zijnde comic aan het herlezen, met wisselend succes. Schitterend getekend, straffe dialogen en een paar hilarische scènes, maar soms iets teveel puberale ‘kijk eens hoe ik durf te shockeren’-vondsten.

Brain K. Vaughan:Pia Guerra – Y The Last Man: knappe dystopische comicreeks die van en een vrij dwaas klinkend uitgangspunt (opeens sterven alle mannen, behalve het hoofdpersonage, die in plaats van de wereld te herbevolken zijn aan de andere kant van de wereld vertoevende verloofde wil terugvinden) een meeslepend verhaal maakt: een zeer te smaken mix van humor, drama en maatschappijkritiek. Zodra je je over het uitgangspunt hebt gezet, bovendien behoorlijk geloofwaardig.



Snapshot
april 14, 2009, 12:43 pm
Ingedeeld onder: Uncategorized | Tags:

Op zoek naar een deftige foto om boven deze blog te plaatsen, kom ik per ongeluk een brokje nostalgie tegen. Het had binnen geregend in mijn toenmalige woonst en geen klein beetje. Tijd om de huisbaas daarmee te confronteren door middel van enkele foto’s van waterschade. Een digitaal fototoestel geleend en er dan ook maar van geprofiteerd om wat gewone foto’s te trekken.

Het lijkt niet zo lang geleden, maar de aanmaakdatum verraadt dat het toch twee jaar is. Ergens rond de jaarwissel, want er hangt nog enige cheesy kerstverlichting tegen een muur. Afailsafe zit aan een tafel, beetje nors kijkend, met een stapeltje CDs en een leeg glas wijn voor zich. Tegenover hem N. die net iets grappigs heeft verteld, een foto verder schalks in de camera kijkt en nog eentje verder ‘zo is het wel goed geweest’ de lens inwerpt.

Een ander mapje heet ‘appartementfotos’.Daarin loop N. (aanmaakdatum zegt vier maand later) rond in een leeg appartement, dat net onze nieuwe woonst was geworden. Ze kijkt blij, maar met een toefje onwennigheid richting camera. Intussen is dat appartement alleen het hare geworden, iets wat toch ook alweer flink wat maanden beklonken is.

Je zit met zo’n snapshot direct weer in die momenten, maar wat er precies allemaal tussen is gebeurd, is slechter gedocumenteerd. Dringend wat meer foto’s trekken, dan gaan die verhalen minder met grote sprongen.